Kies je box 1 of box 3?
Lijfrente in box 1: belastingvoordeel
Een lijfrente (belast in box 1) kun je afsluiten bij een verzekeraar (de lijfrenteverzekering) en bij een bank of beleggingsinstelling (de bancaire lijfrente). Een bancaire lijfrente is een geblokkeerde rekening waarop je kunt sparen en/of beleggen. Je kunt dus niet vrij over dit vermogen beschikken (zonder fiscale boete). De bancaire lijfrente is de afgelopen jaren sterk in opmars. Dit heeft te maken met de relatieve eenvoud van het product en de lage(re) kosten. Daarnaast gaat bij overlijden het resterende kapitaal van de bancaire lijfrente over naar de erfgenamen.
Met een lijfrente kun je fiscaal voordelig vermogen opbouwen. De inleg op de lijfrenterekening kun je onder voorwaarden fiscaal aftrekken in de aangifte inkomstenbelasting. Dat levert 35,75% tot 49,50% aan belastingvoordeel op van het bedrag dat je inlegt. Het belastingvoordeel kan in sommige situaties zelfs groter zijn, omdat het ook invloed heeft op inkomensafhankelijke regelingen zoals toeslagen en heffingskortingen. Door de lijfrente-inleg wordt jouw toetsinkomen namelijk lager. Een ander belangrijk belastingvoordeel is dat het opgebouwde vermogen op de lijfrenterekening niet wordt belast in box 3. Je betaalt hierover dus niet jaarlijks de box 3-heffing.
Het bedrag op de lijfrenterekening moet worden gebruikt voor lijfrente uitkeringen. De eerste uitkering dienst uiterlijk vijf jaar na het bereiken van de AOW leeftijd zijn ontvangen. Deze lijfrente-uitkeringen zijn belast in box 1. Voor AOW-gerechtigden geldt een lager box 1-tarief van 17,85% tot en met een inkomen van € 38.883 (cijfers 2026). Met een lijfrente kun je dus mogelijk ook een tariefvoordeel behalen: aftrek tegen maximaal 49,50% en belast tegen minimaal 17,85%.
Bovendien geldt bij overlijden dat een lijfrente voor je erfgenaam is vrijgesteld van erfbelasting. Komt bij overlijden de lijfrente toe aan je partner, dan wordt de waarde van de lijfrente wel voor de helft in mindering gebracht op de vrijstelling van € 828.035 (2026) die je partner voor de erfbelasting heeft. Na pensioenimputatie geldt altijd een minimale vrijstelling van € 213.915. De erfgenamen moeten de lijfrente gebruiken voor de aankoop van een nabestaandenlijfrente, als de lijfrente-uitkeringen nog niet zijn ingegaan. Zijn de lijfrente-uitkeringen al wel ingegaan, dan worden de uitkeringen voortgezet ten behoeve van je erfgenamen.
Sparen of beleggen in box 3: flexibiliteit en vrijheid
In tegenstelling tot een lijfrente is het vermogen op een gewone spaar- of beleggingsrekening vrij opneembaar. Je kunt dus zelf bepalen hoeveel van het vermogen je gebruikt en wanneer, bijvoorbeeld als aanvulling op je pensioen. Bovendien zijn de beleggingsmogelijkheden in box 3 meestal ruimer dan in box 1.
Bij de belasting in box 3 wordt in beginsel gerekend met forfaitaire rendementen in plaats van daadwerkelijk behaalde rendementen. Het forfaitaire rendement voor spaartegoeden in 2026 is nog niet bekend; in de voorlopige aanslag wordt uitgegaan van 1,28%. Voor beleggingen bedraagt het forfaitaire rendement 6,00% in 2026. Voor de berekening van de box 3-heffing geldt een heffingvrij vermogen van € 59.357 per persoon (€ 118.714 voor fiscale partners) in 2026.
Is je werkelijke rendement van je totale box 3 vermogen lager dan het forfaitaire rendement? Dan kun je de tegenbewijsregeling van box 3 toepassen. In dat geval wordt in box 3 uitgegaan van het lagere werkelijke rendement. Op deze pagina vind je meer over de toepassing van de tegenbewijsregeling in box 3.
De bedoeling is om vanaf 2028 in box 3 belasting te heffen over het daadwerkelijk behaalde rendement.
Tot slot
De keuze tussen vermogen opbouwen in box 1 of box 3 is een persoonlijke afweging. Een belangrijk voordeel van een lijfrente is het belastingvoordeel. Daar staat tegenover dat je aan de fiscale spelregels moet voldoen. Zo kun je tussentijds niet bij het vermogen (geblokkeerde rekening) en moeten de lijfrente-uitkeringen aan bepaalde voorwaarden voldoen. Voor veel zelfstandige ondernemers, waaronder zzp’ers en DGA’s, is een bancaire lijfrente interessant omdat zij geen pensioen via een werkgever opbouwen. Maar ook voor werknemers kan een lijfrente interessant zijn, als aanvulling op het pensioen bij hun werkgever.
Vind je flexibiliteit en keuzevrijheid belangrijk(er)? Dan kun je misschien beter vermogen opbouwen in box 3. Overigens sluit de ene optie de andere niet uit. Je kunt er ook voor kiezen om beide mogelijkheden te combineren. Deels belastingvoordeel en deels flexibiliteit. Best of both worlds?
Wat kan Van Lanschot Kempen voor je doen?
Welke vorm van vermogen opbouwen past bij jouw situatie? Onze private bankers denken graag met je mee. Heb je interesse in een bancaire lijfrente? Dan brengen ze je graag in contact met een specialist van Evi. Je kunt natuurlijk ook rechtstreeks contact opnemen met een Evi vermogenscoach.
Geschreven naar de stand van zaken van 15 april 2026.