20 juli 2026
Klimmende olieprijs boeit markten beperkt, ogen vooral gericht op kwartaalcijfers
Financiële markten
- De oorlog in het Midden-Oosten stuwde de olieprijs (Brent) afgelopen week met $13 dollar tot ongeveer $88 dollar per vat. Toch reageerden de aandelenmarkten hier gematigd op. Zelfs in het energiegevoelige Europa bleef de impact beperkt: de Stoxx Europe 600 steeg met 0,1%. Beleggers waren vooral in de ban van de eerste Amerikaanse kwartaalresultaten en de ontwikkelingen in de technologiesector.
- De grote Amerikaanse banken konden sterke cijfers voorleggen dankzij de handel in aandelen en obligaties en de activiteiten op het gebied van zakenbankieren, zoals fusies en overnames, emissies en beursintroducties.
- In de technologiesector leidden tegenvallende cijfers van IBM tot een verkoopgolf onder softwareaandelen. Ondernemingen leggen bij hun investeringen de nadruk op hardware, zoals chips en geheugen, ten koste van uitgaven aan software. Zij spelen daarmee in op mogelijk sterk stijgende hardware prijzen, nu de uitbouw van AI-infrastructuur in hoog tempo doorgaat.
- De sterke cijfers van ASML en TSMC ondersteunden dit beeld. Desondanks hadden de aandelen van chipproducenten het moeilijk. De Philadelphia Semiconductor Index, een graadmeter voor grote chipbedrijven, daalde met 10% en noteert daarmee 20% onder zijn top van juni.
- Deze ontwikkelingen zorgden voor een weekverlies van 1,5% voor de S&P 500. De S&P 500 Equal Weight, waarin elk aandeel even zwaar weegt en de technologiesector dus een kleiner gewicht heeft, daalde daarentegen met slechts 0,4%. De markt verbreedt, onder meer dankzij het degelijke macro-economische nieuws uit de VS.
- Vooral de inflatiecijfers over juni stemden beleggers gunstig. De algemene consumentenprijsinflatie daalde van 4,2% in mei naar 3,5% in juni, mede dankzij de eerder gedaalde olieprijs. Ook de kerninflatie nam af, van 2,9% naar 2,6%. Daarop schroefden de financiële markten hun verwachtingen voor renteverhogingen door de Fed onmiddellijk terug.
- Toch betekent dit niet dat de onderliggende prijsdruk in de VS is verdwenen. Zo lagen de producentenprijzen, exclusief voedsel- en energieprijzen, in juni nog altijd 4,6% hoger dan een jaar eerder. In combinatie met de opnieuw stijgende olieprijs kan dit uiteindelijk doorwerken in de consumentenprijzen, als bedrijven hun hogere kosten willen en kunnen doorberekenen.
- Fed-voorzitter Warsh was tijdens zijn verklaring voor het Amerikaanse Congres duidelijk: de centrale bank is vastbesloten om de inflatiedoelstelling van 2% te bereiken. Daarvoor zijn voor het einde van het jaar wellicht nog een of twee renteverhogingen nodig.
- Verder was er positief nieuws over de Amerikaanse consument, die in een redelijk tempo geld blijft uitgeven. De kleinhandelsverkopen, exclusief brandstof, lagen in juni 0,7% hoger dan een maand eerder. Naast de investeringen in de technologiesector blijft ook de consument de economische groei ondersteunen.
- In China is het economische beeld minder gunstig. De economie groeide in het tweede kwartaal met 4,3%, wat naar Chinese maatstaven zwak is. De export presteerde goed, vooral dankzij de uitvoer van ‘groene technologie’. De consumptie en de vastgoedsector blijven echter zorgenkinderen. Het is afwachten of beleidsmakers maatregelen nemen om de binnenlandse vraag te stimuleren.
- In de eurozone lijkt de industrie de hogere energieprijzen uiteindelijk relatief goed te hebben verwerkt. In mei daalde de industriële productie weliswaar licht op maandbasis, maar dat kwam volledig door de traditioneel sterk schommelende cijfers uit Ierland. Onderliggend presteren vooral de technologiesector en de defensie-industrie goed. Andere sectoren hebben het moeilijker. Dat beeld zal waarschijnlijk niet snel veranderen door de concurrentie uit China en de relatief hoge gasprijzen in Europa.
Macro-economische ontwikkelingen
De (verwachte) cijfers
Eurozone
- Komende donderdag staat een nieuwe beleidsvergadering van de ECB op de agenda. Nu de nieuwe escalatie in het Midden-Oosten de energieprijzen weer opdrijft, lopen ook de verwachtingen voor het monetaire beleid op. De markten rekenen inmiddels op bijna twee renteverhogingen voor het einde van het jaar.
- Tot voor kort beschouwden wij die verwachting als enigszins voorbarig. Net als in de VS vielen de jongste inflatiecijfers voor de eurozone immers mee. Inmiddels is de onzekerheid vanzelfsprekend toegenomen.
- Voor de ECB betekent dit dat zij opnieuw voor een dilemma staat: enerzijds wakkeren hogere energieprijzen de inflatie aan, anderzijds remmen zij de economische groei af.
- Wij verwachten dat voorzitter Lagarde in haar toelichting alle opties voor de komende maanden openhoudt. Daarbij zal zij waarschijnlijk benadrukken dat de ECB bereid is de rente te verhogen, met de te late reactie in 2022 in het achterhoofd.
Belangrijke macro-economische publicaties
Van 20 juli tot en met 24 juli
| Publicatie dag | Regio | Publicatie van | Periode | Consensus |
| Donderdag | Eurozone | ECB-beleidsbijeenkomst | ||
| Consumentenvertrouwen (flash) | Jul | -16,9 | ||
| Vrijdag | Eurozone | PMI Manufacturing (flash) | Jul | 51,3 |
| PMI Services (flash) | Jul | 49,8 | ||
| VS | PMI Manufacturing (flash) | Jul | 53,0 | |
| PMI Services (flash) | Jul | 51,0 |