14 september 2026

Beleggers kijken vooruit naar winstgroei en rentebesluiten

Financiële markten

  • Afgelopen week bevestigde september zijn reputatie als moeilijke beursmaand. De S&P 500 moest 0,8% prijsgeven, de Stoxx Europe 600 1,7%. Toch noteren beide indices nog altijd slechts 2 à 3% onder hun toppen van medio augustus. Dat is best een degelijke prestatie in een omgeving van oplopende energieprijzen en renteniveaus.
     
  • Die weerbaarheid is te danken aan een economische omgeving die een vergelijkbaar veerkrachtig karakter vertoont. Dat straalt op zijn beurt af op de (verwachte) bedrijfswinsten.
     
  • In de komende weken en maanden zullen die bedrijfswinsten een cruciale factor zijn om tegenwicht te bieden aan duurdere energie en centrale banken die eerder aan hogere dan aan lagere beleidsrentes denken. Binnen het domein van de bedrijfscijfers wordt met name gekeken naar de technologiespelers, maar niet uitsluitend: over een breed front zijn de recente bijstellingen van de winstverwachtingen opwaarts gericht. Belangrijk daarbij is dat ondernemingen de prijsdruk die ze zelf ervaren, kunnen blijven doorberekenen.
     
  • Of het klimaat op de obligatiemarkten tot rust kan komen, hangt in grote mate af van de geopolitiek. Op dit moment is er weinig zicht op de-escalatie in het Midden-Oosten, wat de olieprijs (Brent) weer boven $100 (USD) per vat duwde en de obligatierentes aan joeg. Markten zijn ook voorzichtiger geworden over de toekomstige olieprijs. De termijnprijs voor levering over twaalf maanden kruipt opnieuw richting $80, ongeveer het niveau van vlak na het uitbreken van het Iraans-Amerikaanse conflict.
     
  • In het kielzog daarvan lopen ook Europese gasprijzen op. Dat is ongunstig voor zowel de inflatie als de economische groei. Bovendien zijn de Europese gasvoorraden momenteel voor slechts 67% gevuld voor de winter, zo’n 20% onder het normale gemiddelde. Afhankelijk van de strengheid van de winter kan dat de komende maanden de vraag naar, en daarmee de prijs van, gas beïnvloeden.
     
  • De ECB verhoogde haar beleidsrentes alvast met 25 basispunten. Over het toekomstige rentepad bleef voorzitter Christine Lagarde grotendeels op de vlakte. Positief is in ieder geval dat van zogenoemde tweederonde-effecten vooralsnog weinig te merken is: het momentum in de loonontwikkeling versnelt niet en is zelfs in overeenstemming met de inflatiedoelstelling van 2%. Daar staat tegenover dat de centrale bank haar raming voor de kerninflatie in 2027 verhoogde tot 2,6%. Dat pleit dan weer wél voor verdere renteverhogingen. Markten houden daar terecht rekening mee.
     
  • Volgende week is het aan de Federal Reserve om de monetaire koppen bij elkaar te steken. Een degelijke economie en arbeidsmarkt, in combinatie met hardnekkige trekjes in de inflatiecijfers (de CPI-inflatie bedroeg in augustus 3,4%) rechtvaardigen een renteverhoging.
     
  • Wellicht zouden obligatiebeleggers zo’n monetaire ingreep toejuichen. Hier en daar leeft immers de vrees dat de centrale bank ‘achter de inflatie aanholt’ en een te laks monetair beleid voert.
     
  • Vanuit het Witte Huis zou een hogere beleidsrente dan weer met de nodige frustratie worden onthaald, mede gezien de aanloop naar de tussentijdse verkiezingen van november. Toch zou een geloofwaardige houding van de Fed bij de bestrijding van de inflatie de beste remedie zijn om de stijging van de lange rente een halt toe te roepen of ten minste af te remmen. 
     
  • Dat lijkt effectiever dan wat minister van Financiën Bessent probeert te doen. Hij schroefde het bedrag waarmee de schatkist regelmatig langlopende obligaties opkoopt fors op, tot meer dan $5 miljard afgelopen week, tegenover een eerder gemiddelde van $2 miljard. Structureel zet dat echter weinig zoden aan de dijk. Afgezet tegen de totale uitstaande Amerikaanse overheidsschuld zijn deze miljarden onvoldoende omvangrijk om een blijvende impact te hebben.
     

De koersontwikkeling betreft de vijf handelsdagen tussen de slotkoersen van vrijdag 4 en vrijdag 11 september.
 

Macro-economische ontwikkelingen

De (verwachte) cijfers


Verenigde Staten

  • Hoofdpunt op de Amerikaanse macro-agenda is de reeds aangestipte beleidsvergadering van de Federal Reserve. Verder zijn er de kleinhandelsverkopen over augustus. Die moeten een indicatie geven of de consument de hogere energieprijzen goed verteert.
     

Eurozone

  • Woensdag worden de cijfers over de Europese industriële productie in juli gepubliceerd. In het tweede kwartaal hield de productie goed stand in een moeilijke omgeving. Het is afwachten of dat zo blijft.
     

China

  • De Chinese exportmachine draait op volle toeren en is daarmee de belangrijkste steunpilaar voor de economische groei. De binnenlandse dynamiek blijft immers matig. Dat zal morgen naar verwachting opnieuw blijken uit de cijfers over de industriële productie en de kleinhandelsverkopen in augustus.

 

Belangrijke macro-economische publicaties

Van 14 tot en met 18 september

Publicatiedag Regio Publicatie van Periode Consensus
Dinsdag China Kleinhandelsverkopen MoM Aug 1,0%
  China Industriële productie MoM Aug 5,0%
Woensdag Duitsland ZEW-indicator Sep 21,0
  Eurozone Industriële productie MoM Jul 0,2%
  VS Kleinhandelsverkopen MoM Aug 0,3%
  VS Fed-beleidsbijeenkomst    
Vrijdag VS Industriële productie MoM Aug 0,1%