Comfortabel met pensioen als tandarts: dít zijn de mogelijkheden
Hoe bouwen tandartsen momenteel hun oudedagsvoorziening op?
Heb je in Nederland gewoond of gewerkt? Dan ontvang je AOW. Dit is een basisinkomen dat je ontvangt vanaf de AOW-leeftijd (in 2025 is dat 67 jaar). Aanvullend bouwen veel mensen in loondienst pensioen op via hun werkgever. En precies daar zit het probleem. Het pensioenfonds voor tandartsen is een slapend pensioenfonds waarbij de inleg gestaakt is in 1996. Er zijn dus nog maar weinig actieve tandartsen die hierin hun pensioen hebben opgebouwd.
Voor de opbouw bovenop je toekomstige AOW-inkomen moet je zelf zorgen. En dat is waarschijnlijk hard nodig wanneer je je bedenkt dat het huidige AOW-inkomen (2025) voor een alleenstaande slechts € 1.580,92 bruto per maand is.
Praktijkeigenaren én zzp’ers
Daarnaast speelt het pensioenprobleem ook bij zzp-tandartsen. De ervaring van Steenhuizen is dat het merendeel van deze groep geen aanvullend pensioen opbouwt.
Dertig weken per jaar een dag extra werken
“En hoe langer je wacht met opbouwen, hoe uitdagender het wordt om dat zogenaamde ‘pensioengat ’ te dichten. Ik blijf het daarom zeggen: start zo vroeg mogelijk!”
Hoe kun je als tandarts dan wél pensioen opbouwen?
"Gelukkig werkt de fiscus behoorlijk mee als je investeert in een lijfrente", vertelt Steenhuizen. Met een lijfrente bouw je vermogen op voor later. Met dit opgebouwde kapitaal koop je uiteindelijk een lijfrente-uitkering aan, waarmee je tijdens je pensioen periodiek een bedrag laat uitkeren. “Sinds de ‘nieuwe’ pensioenwet, die in 2023 is ingegaan, zijn er verruimde mogelijkheden om op een fiscaal vriendelijke manier een pensioenvermogen op te bouwen met een lijfrente.''
Als onderdeel hiervan is de maximale aftrek (de jaarruimte) voor een lijfrente sterk verhoogd naar maximaal € 35.798 (bij een salaris vanaf € 138.000 bruto). Voorheen was dit slechts € 13.570. Nieuw is ook dat, als je de reserveringsruimte de afgelopen 10 jaar niet – of niet volledig – hebt benut, je die ruimte met terugwerkende kracht alsnog kunt benutten. Die termijn was 7 jaar.
Waar dat fiscale voordeel dan in zit? Je kunt van deze regeling profiteren:
- Doordat de inleg aftrekbaar is in box 1. Afhankelijk van het inkomen, verlaag je je belastbaar inkomen hierdoor met 35,8% tot 49,5%. Bij pensionering wordt er belasting geheven over de uitkering in box 1, maar meestal tegen een lager belastingtarief dan wanneer je werkt.
- Doordat het opgebouwde kapitaal vrijgesteld is in box 3. Dit betekent dat je geen vermogensrendementsheffing hoeft te betalen over het opgebouwd vermogen op je lijfrenterekening.
- Doordat er met een lijfrente in veel situaties erfbelasting wordt bespaard. Bij een bancaire lijfrente gaat het opgebouwde kapitaal bij overlijden over naar je erfgenamen, in tegenstelling tot bij het werkgeverspensioen. Dit betekent dat jij of jouw erfgenamen het opgebouwde kapitaal niet kwijt zijn.
Maar vermogen voor later opbouwen kan natuurlijk óók in de vorm van een 'gewone’ spaar- of beleggingsrekening. Hiermee profiteer je niet van fiscale voordelen, maar bijvoorbeeld wel van flexibiliteit en vrijheid, zoals eerder stoppen met werken. In deze blog gaan we dieper in op de verschillen tussen deze vormen van vermogensopbouw.
Let er wel altijd op dat fiscale behandeling afhankelijk is van individuele omstandigheden en in de toekomst kan veranderen.
Zitten er ook nadelen of beperkingen aan het afsluiten van een lijfrente?
Wat kunnen wij betekenen?
“Met de kosteloze Pensioenscan van Evi, die je eenvoudig online kunt invullen, krijg je direct inzicht in jouw situatie. Daarnaast helpen de Evi vermogenscoaches je graag verder. Een Evi vermogenscoach is geen adviseur, maar luistert naar je verhaal, denkt breed mee en geeft informatie en inzicht. En ook ikzelf help natuurlijk graag. Dan kijken we naar wat er mogelijk is in jouw persoonlijke situatie. Zo komen we samen tot een oplossing voor een comfortabel pensioen."