19 oktober 2026
Sterke bedrijfsresultaten ondergesneeuwd door twijfels over enorme AI-investeringen

Financiële markten
- Aandelen hebben een onrustige week achter de rug, vooral in de VS. De S&P 500 verloor uiteindelijk 1,9%, voornamelijk door koersverliezen in de chipsector. Ook in Azië was de terugval duidelijk. De Zuid-Koreaanse Kospi-index, die sterk afhankelijk is van de chipsector, daalde met 14%. Europa bleef grotendeels buiten schot. De Stoxx Europe 600 steeg met 2,1%.
- De koersschommelingen in de technologiesector staan enigszins in contrast met de al gepubliceerde kwartaalcijfers. ASML, TSMC en Samsung kunnen de vraag simpelweg niet bijhouden en verwachten dat die de komende jaren hoog blijft. Waarom staat de sector op de beurs dan toch onder druk?
- Een belangrijke oorzaak is wellicht de hernieuwde twijfel over de uiteindelijke winstgevendheid van de grootschalige investeringen in kunstmatige intelligentie (AI). Wie gaat daar uiteindelijk geld aan verdienen? En hoeveel? Dat weten wij voorlopig niet. De verwachting is dat AI in tal van sectoren nieuwe producten, diensten, toepassingen en bedrijfsprocessen zal voortbrengen. Die moeten op hun beurt de economische groei en productiviteit stimuleren. Maar of dat gebeurt, wanneer en in welke mate, blijft voorlopig onzeker.
- Daarnaast blijft de eerder gestegen langetermijnrente wegen op de chipsector. Groeisectoren zijn traditioneel gevoeliger voor rentebewegingen, zeker wanneer bedrijven steeds meer schulden aangaan om hun investeringen te financieren.
- Nu was het de voorbije dagen niet zo dat de lange rente zijn eerdere opmars verderzette, integendeel: zowel in de VS (-15 basispunten) als in Duitsland (-8 basispunten) daalde de rente. Door de onrust op de aandelenmarkten zochten beleggers tijdelijk hun toevlucht tot obligaties. Zelfs Franse staatsobligaties konden op belangstelling rekenen. Wat groeiaandelen wél parten speelde, was de bevestiging dat centrale banken nog niet klaar zijn met het verhogen van de beleidsrente, vooral in de VS.
- Daar viel de inflatie in september, gemeten aan de hand van de consumentenprijsindex (CPI), hoger uit dan verwacht. Op jaarbasis bedroeg de Amerikaanse inflatie 3,7%.
- De energieprijzen droegen bij aan de inflatie, maar de prijsdruk was breder. Zonder rekening te houden met energie en voeding liep de inflatie op van 2,4% in de voorgaande maand tot 2,6% in september. Ook de nieuwste cijfers over de producentenprijzen, de prijzen die fabrikanten ontvangen wanneer hun producten de fabriek verlaten, wijzen niet op een snelle afname van de inflatiedruk. De Federal Reserve (Fed) zal daarom vermoedelijk verder moeten ingrijpen. Mogelijk al in oktober, maar waarschijnlijk in december.
- Tot slot drukten wellicht ook winstnemingen op de chipaandelen. De Philadelphia Semiconductor Index, een belangrijke graadmeter voor de sector, staat sinds het begin van het jaar immers nog altijd 57% hoger.
- Door alle berichtgeving over de chipsector zouden wij bijna vergeten dat de beurs meer te bieden heeft dan technologieaandelen. De Europese aandelenmarkten hielden goed stand, mede doordat de technologiesector er een veel kleiner gewicht heeft in de beursindices. Maar ook in de VS presteerden veel aandelen de afgelopen dagen behoorlijk. De S&P 500 Equal Weight, waarin elk aandeel even zwaar meetelt en technologie dus minder dominant is, steeg met 0,5%.
- De veerkracht van de aandelenmarkten wordt mede ondersteund door de bedrijfsresultaten. Het resultatenseizoen is nog maar net gestart, met als belangrijke ‘rapporteurs’ onder meer de Amerikaanse banken. Hun cijfers waren wisselend, maar over het algemeen goed. Nog belangrijker was hun beoordeling van de economie. Ook die was positief: bedrijven blijven investeren en consumenten blijven geld uitgeven. Daarmee blijft de economie draaien, wat de aandelenmarkten steun moet blijven bieden.
Macro-economische ontwikkelingen
De (verwachte) cijfers
Verenigde Staten & Eurozone
- Zowel uit de VS als uit de eurozone verwachten wij nieuwe cijfers over de inkoopmanagersindices (PMI). Die zullen wellicht een onveranderd beeld laten zien: degelijke groei in de VS en veerkrachtige groei in de eurozone.
China
- De Chinese economie zou in het derde kwartaal met 4,5% zijn gegroeid, tegenover 4,3% in het voorgaande kwartaal. Dat blijkt althans uit de officiële cijfers, die een iets rooskleuriger beeld schetsen dan de groeiramingen uit alternatieve bronnen.
- Hoe dan ook blijft de uitvoer de belangrijkste motor van de economische groei. De Chinese consument blijft voorzichtig. Voor de komende maanden wordt enige steun vanuit het begrotingsbeleid verwacht om de economische groei een extra impuls te geven.
Belangrijke macro-economische publicaties
Van 16 oktober tot en met 23 oktober
| Publicatiedag | Regio | Publicatie van | Periode | Consensus |
|---|---|---|---|---|
| Woensdag | China | BBP YoY | 3Q26 | 4,4% |
| Industriële productie YoY | Sep | 5,4% | ||
| Kleinhandelsverkopen YoY | Sep | 0,5% | ||
| Donderdag | Eurozone | Consumentenvertrouwen (flash) | Okt | -16,5 |
| Vrijdag | Eurozone | PMI Manufacturing (flash) | Okt | 50,5 |
| PMI Services (flash) | Okt | 51,1 | ||
| VS | PMI Services (flash) | Okt | 57,9 | |
| PMI Manufacturing (flash) | Okt | 55,6 |